• 059 27 63 63
Concrete organisatie van de zorg

1.Bij de verdeling van de klassen staat de zorg voor de kinderen voorop.
In de kleuterklassen wordt er jaarlijks een nieuwe klasverdeling gemaakt.
De leerlingen van het lager blijven in eenzelfde klasgroep vanaf het eerste leerjaar tot en met het derde leerjaar. Daarna volgt een herverdeling en blijven de leerlingen terug drie jaar in dezelfde klasgroep. Tenzij het leerlingenaantal in een bepaalde klas of leerjaar te sterk wijzigt, kan een nieuwe verdeling gemaakt worden.

2.Bij de verdeling van het lestijdenpakket wordt rekening gehouden met zorgbreed werken door zoveel mogelijk uren te voorzien voor zorgleerkrachten in alle klassen. Zo wordt er preventief en remediërend onmiddellijk ondersteuning geboden in de klas. De klasleerkracht wordt extra ondersteund in het begeleiden van leerlingen met extra zorg.
De verdeling van het aantal uren per leeftijdsgroep hangt af van de noden en eventueel van het aantal klassen. Op basis van alle gegevens wordt een zorgrooster opgemaakt. 

3.In de school is er een digitaal LVS via smartschool om kleuters en leerlingen te volgen met vaste afspraken, testen en procedures die waarborgen dat de leerlingen tijdig hulp krijgen en problemen zoveel mogelijk vermeden worden.

4.Indien een leerling specifieke zorg krijgt, worden de ouders steeds geïnformeerd.

5.De zorguren voor de zorgcoördinator worden besteed aan werken op school-, klas- en leerlingenniveau.

6.Op schoolniveau helpt de zorgcoördinator het zorgbeleid gestalte geven.

7.Op geregelde tijdstippen organiseert de zoco zorgvergaderingen met de klasleerkracht. Vaste momenten zijn er in oktober en mei. Indien nodig kan dit ook op vraag.
Deze zorgvergaderingen kunnen als doel hebben:
- preventieve afspraken doorgeven
- de evolutie van de leerlingen bespreken
- een aanpak voor problemen voorstellen, eventueel zorgactieplan opstellen of aanpassen
- het MDO voorbereiden
- hulpmiddelen om te differentiëren bespreken en eventueel aanbieden
- bespreken wie welke hulp biedt

8.Indien nodig kan een MDO gehouden worden waarbij, na overleg in de zorgvergadering, de klasleerkracht (spilfiguur), de ouders, de zorgcoördinator, de directeur, de CLB-medewerker en andere externen kunnen aanwezig zijn.
In samenspraak op het MDO kunnen maatregelen opgesteld worden.

9.De opvolging van de gemaakte afspraken gebeurt hoofdzakelijk door de zoco. 

10.De zorgcoördinator organiseert tussentijdse overlegmomenten met leerkrachten, ouders, CLB en externe begeleiders.
Op de overlegmomenten met ouders wordt gecommuniceerd over de ontwikkeling van het kind. Problemen worden gesignaleerd en informatie over de thuis- en schoolsituatie worden meegedeeld. Eventueel wordt hulp aangeboden om het kind beter te begeleiden.
Tijdens het overleg met CLB, leerkrachten en externe begeleiders worden aangepaste strategieën afgesproken en wordt er over gewaakt de aanpak op elkaar af te stemmen.

11.Er zijn concrete stappenplannen indien bepaalde problemen zich voordoen. Iedereen van het schoolteam dient zich daar dan ook aan te houden.

12.De overgang van kleuter- naar lager onderwijs verloopt vlot door het organiseren van activiteiten waar kleuters en leerlingen uit het eerste leerjaar samen aan deelnemen. Kleuters met leerplicht die geen kleuteronderwijs volgden kunnen na overleg met de ouders, de kleuterjuf, de zorgcoördinator, de CLB-medewerker en de directeur nog één jaar kleuteronderwijs volgen.

13.De overgang van lager naar secundair onderwijs verloopt vlot door o.a. het doorschuifsysteem van leerkrachten in de 3de graad en de lessenreeks "op stap naar het secundair", gegeven door de leerkrachten en het CLB. Er is een zorgvergadering om, op basis van het LVS, een advies te formuleren waarbij voor elk kind de meest aangewezen vormen van secundair onderwijs wordt geadviseerd. Dit wordt meegedeeld via de basofiche en op een oudercontact wordt verdere toelichting gegeven.
Er is een overlegmoment met de zorgverantwoordelijken van het lager en het secundair onderwijs.

14.Ook kinderen die omwille van specifieke omstandigheden (bv. ziekte, kwetsuur…) een deel van de leerstof gemist hebben, komen in aanmerking voor extra zorg door het zorgteam.
Bij langdurige afwezigheid door ziekte (vanaf 21 opeenvolgende kalenderdagen) heeft een leerling tijdelijk recht op thuisonderwijs.

15.Binnen de klas wordt gedifferentieerd binnen de eigen leerstof door de klasleerkracht, bv. tempo, niveau, concreet materiaal, uitdagende opdrachten, verlengde instructie… 

16.Als na alle mogelijke ondersteuning, zorg en differentiatie niet lukt, kan een individuele leerlijn als laatste hulpmiddel georganiseerd worden (wiskunde, spelling …). Een zorgleerkracht kan aangesteld worden om de leerlijnen te organiseren en te begeleiden (kopies, uitleg, opvolging, evaluatie, testen,…). Voor bepaalde onderdelen opteren we om de leerlingen te laten aansluiten bij een vorig leerjaar.
Anderstalige leerlingen krijgen zoveel mogelijk hulp binnen de klas en eventuele verdere begeleiding buiten de klas.
De school organiseert indien mogelijk extra zorguren of past het zorgrooster aan.

17.Leerlingen met een ontwikkelingsvoorsprong krijgen uitdagende opdrachten. Deze opdrachten houden niet in dat de leerstof van een volgend leerjaar behandeld wordt.

18.Bij nieuwe leerlingen worden de gegevens bij de vorige school opgevraagd door de zoco. Indien nodig worden er nieuwe testen afgenomen.

19.Anderstalige nieuwkomers kunnen een leerjaar lager starten indien dit beter blijkt voor de leerling.

20.Het zittenblijven wordt uitzonderlijk toegepast, in samenspraak met het CLB. 

21.Door het volgen van cursussen en nascholingen groeit de deskundigheid van de school i.v.m. het begeleiden van leerlingen die bijzondere zorg behoeven.

22.Door het samenbrengen van ervaringen en deskundigheid op overlegmomenten met de zorgcoördinatoren van de scholengemeenschap, wordt de kwaliteit van de zorg verbeterd.

23.Voor de start van het nieuwe schooljaar beschikt de klasleerkracht over het klasprofiel. Zo verkrijgt elke leerkracht een globaal overzicht van de leerlingen van de nieuwe klas.

Concrete taakinvulling voor de zorgleerkrachten

-Algemeen uitgangspunt: de klasleerkracht is de eerstelijnspersoon voor zorg, de zorgleerkracht ondersteunt door het overnemen van de klas. Toch is enige flexibiliteit hierbij mogelijk.
-Ondersteuning in de klas vanaf de eerste dag.
-Tijdens de eerste dagen van het schooljaar: eventuele testen afnemen, onverwachte noden opvangen en bespreken, zorgroosters optimaliseren …
-De zorglkr. neemt niet stelselmatig de klassen over bij afwezigheid van de klaslkr. Dit kan wel binnen de uren zorg in dit leerjaar, en indien er gewisseld kan worden met andere klassen.
-Op de pv van september volgt een eerste evaluatie van het zorgrooster.
-De zorgleerkracht kan ingeschakeld worden bij hoeken- en contractwerk.
-De zorgleerkracht ziet ook het werk van de leerlingen na.
-De zorgleerkracht kan zowel leerlingen met een leerlijn als leerlingen met een ontwikkelingsvoorsprong extra begeleiden, opvolgen.
-Bij extra zorgvergaderingen waar de klaslkr. bij moet zijn, kan de zorglkr. de klas overnemen (taken door klaslkr.). Daarvoor wordt een uurrooster met vaste en flexibele uren opgemaakt.
-Ook bij toetsen en LVS-testen kan de zorglkr. ingeschakeld worden (extra tijd, hulpmaterialen, indien gewenst toetsen inhalen met zieke leerling, …).

© 2018 Gravenbos Gistel. Katholiek Onderwijs Hinterland VZW

Zoek

GRAVENBOS Kennismakingsdagen